Vragen en ontkenning

Nisam, nisi, nije: het werkwoord 'zijn' ontkennen in het Servisch

Niveau A1 Vragen en ontkenning
Kerngedachte

Wil je in het Servisch 'ik ben niet' zeggen, dan ligt er één valkuil op de loer: je zet geen los 'ne' voor het werkwoord. Bij biti (zijn) zit de ontkenning ín het woord. De zes vormen zijn nisam, nisi, nije, nismo, niste, nisu — allemaal beginnend met 'ni'. Leer die lettergreep en je hebt ze meteen alle zes te pakken. Zo zeg je 'Nisam umoran.' (ik ben niet moe), 'On nije ovde.' (hij is niet hier) en 'Nismo gladni.' (wij hebben geen honger). Mooi meegenomen: anders dan het zwakke 'je' is nije sterk genoeg om een zin te beginnen — een kort 'Nije.' staat prima op zichzelf. Let op: alleen biti versmelt zo. Gewone werkwoorden houden een los 'ne', zoals in ne znam (ik weet het niet).

Voorbeelden

  • Nisam umoran. I am not tired.
  • On nije ovde. He is not here.
  • Nismo gladni. We are not hungry.

De volledige les

Alles uit de video, in tekst.

  1. nisam

    I am not — one fused word, no separate 'ne'

    Je kunt al 'ik ben' in het Servisch zeggen. Nu wil je 'ik ben niet' zeggen. Er 'ne' voor zetten is precies de val. Het Servisch versmelt het 'niet' met het werkwoord zelf.

  2. 'Biti' (zijn) heeft een eigen versmolten negatief — geen los 'ne'.

    De kerngedachte: de meeste Servische werkwoorden krijgen een los 'ne' ervoor. Maar het werkwoord 'zijn' is bijzonder — zijn negatief is één versmolten woord dat het 'niet' al bevat.

  3. Positief → Negatief

    ik ben
    • sam
    • si
    • je
    ik ben niet
    • nisam
    • nisi
    • nije

    Kijk hoe het is opgebouwd. De positieve vormen zijn sam, si, je, en de negatieve nisam, nisi, nije. Het is 'ni' plus het werkwoord, aan elkaar geplakt. Eén woord, met het 'nee' er al in.

  4. 'biti' (zijn), ontkennend

    ja (ik) nisam
    ti (jij) nisi
    on/ona (hij/zij) nije
    mi (wij) nismo
    vi (jullie) niste
    oni (zij) nisu

    Hier de hele reeks zodat je het patroon ziet. Nisam, nisi, nije in het enkelvoud; nismo, niste, nisu in het meervoud. Alle beginnen met 'ni' — leer die lettergreep en je hebt alle zes. nisam, nisi, nije, nismo, niste, nisu

  5. Nisam umoran.

    nisam = ik ben niet

    Aan de slag. Voor 'ik ben niet moe' zeg je geen 'ne sam' — je gebruikt de versmolten vorm nisam. Nisam umoran.

  6. On nije ovde.

    nije = is niet

    Voor 'hij is niet hier' is 'is niet' nije, opnieuw één woord. Het kan vlak na het onderwerp staan, net als het positieve 'je'. On nije ovde.

  7. Nismo gladni.

    nismo = wij zijn niet

    En in het meervoud gebruikt 'wij hebben geen honger' nismo. Zelfde logica — 'ni' plus de uitgang voor 'wij'. Geen extra 'ne'. Nismo gladni.

  8. Het negatief is sterk — het mag de zin beginnen

    je (positief)
    • zwak clitisch
    • kan geen zin beginnen
    nije (negatief)
    • sterk
    • staat alleen: 'Nije.'

    Er is een gratis bonus. Het positieve 'je' is een clitisch woordje — te zwak om een zin te beginnen. Maar het negatieve nije is sterk: het mag helemaal vooraan. Een antwoord van één woord als 'Nije.', oftewel 'Dat is niet zo', klinkt heel natuurlijk. Nije.

  9. ne sam · ne je het 'ne' losmaken — fout
    nisam · nije versmolten negatief — goed

    'Biti' krijgt nooit een los 'ne'. De ontkenning zit in het woord.

    Nu de fout die bijna iedereen maakt. Omdat andere werkwoorden 'ne' ervoor krijgen, zegt men 'ne sam' of 'ne je' voor 'zijn'. Fout. Het 'ne' zit er al in — zeg nisam, nije. nisam, nije

  10. Alleen 'zijn' versmelt

    biti → versmolten
    • nisam, nije, nisu
    andere werkwoorden → los 'ne'
    • ne znam (ik weet niet)
    • ne radim (ik werk niet)

    Een nuance om te onthouden: deze versmelting geldt alleen voor 'zijn'. Gewone werkwoorden houden een los 'ne'. 'Ik weet het niet' is 'ne znam' — twee woorden. Alleen 'biti' versmelt. ne znam

  11. Onthoud

    • nisam, nisi, nije, nismo, niste, nisu
    • Nooit 'ne sam' / 'ne je' — versmolten
    • nije mag de zin beginnen ('je' niet)

    Onthoud dus drie dingen. Het negatief van 'zijn' is één versmolten woord dat met 'ni' begint. Voeg nooit een los 'ne' toe. En anders dan het positieve 'je' is het negatief sterk genoeg om een zin te beginnen.